Twee voor twaalf voor blauwvintonijn
17 november 2009
Zeist - Nu de ICCAT (International Commission for the Conservation of Atlantic Tunas) onvoldoende maatregelen neemt om de Atlantische blauwvintonijn te beschermen, vestigt het Wereld Natuur Fonds haar hoop een internationaal handelsverbod in Atlantische blauwvintonijn. Volgens het WNF is dit de enige oplossing om te voorkomen dat de soort uitsterft.
Van 6 tot en met 15 november vond in Recife (Brazilie) de jaarlijkse vergadering van de ICCAT plaats. De ICCAT stelt ieder jaar vast hoeveel blauwvintonijn er mag worden gevangen. Voor volgend jaar sprak de internationale gemeenschap af dat er 13.500 ton blauwvintonijn mag worden gevangen. Dat is eenderde minder dan vorig jaar. Volgens het WNF komt deze verlaging van het vangstquotum te laat en is het nog te veel. Carel Drijver, hoofd programma Oceanen en Kusten van het WNF: “De enige manier om de blauwvintonijn voor uitsterven te behoeden is om de visserij tijdelijk stil te leggen. Daar heeft WNF tijdens de ICCAT-vergadering voor gepleit. Een vangstquotum van 13.500 ton is nog steeds veel te hoog om de populatie te laten herstellen. De ICCAT heeft gefaald op het meest cruciale moment in het beschermen van de blauwvintonijn.”
Het WNF ziet een internationaal handelsverbod als enige oplossing om de Atlantische blauwvintonijn voor uitsterven te behoeden. Volgend jaar maart wordt in Qatar besloten of de internationale handel daadwerkelijk wordt verboden.
De blauwvintonijn is een bijzonder dier en wordt ook wel de Porsche van de oceanen genoemd. Hij kan namelijk met enorme snelheid zwemmen: tot 70 kilometer per uur. Behalve snel zwemmen is de blauwvintonijn ook een echte lange afstand zwemmer. In scholen trekken ze de oceanen over en leggen daarbij tienduizenden kilometers af. De soort kan erg groot worden. Voordat er sprake was van industriële visserij in de Middellandse Zee, vingen vissers soms wel tonijnen van 900 kilo. Maar inmiddels is het gemiddelde gewicht drastisch gedaald. Tonijnen gevangen voor de kust van Lybië, zijn gedaald van gemiddeld 124 kg in 2001 tot nog maar 65 kg in 2008. Voor de kust van Spanje werden in 1993/1994 vissen gevangen van gemiddeld 159 kg; nu is dat nog maar 77 kilo.


