'No island left behind' , hoe een verdrinkend eiland zorgt voor verdeeldheid
Het verschil tussen 'binnen' waar de spanning tussen de ontwikkelingslanden oploopt, en 'buiten' in Kopenhagen wordt groter. In de conferentiezalen dringt het rumoer binnen van de buitenwereld over de 'gelekte ontwerptekst van de Denen' . Die tekst zou er op wijzen dat de rijke landen eigenlijk al in een onderonsje hebben besloten wat ze uiteindelijk willen bieden; ze zouden voorbij gaan aan de belangen van de grote ontwikkelingslanden - China, India, Brazilië en Zuid-Afrika - die van de rijke landen een stevige CO2-reductie eisen om zelf ook harde garanties op tafel te willen leggen.
Wereldwijd leidde dat al tot verontwaardiging bij de milieu-organisaties. De Chinese onderhandelaars werden belaagd door de pers, die vermoedde dat China wel eens zeer hard zou kunnen reageren, misschien zelfs zou overwegen de onderhandelingen te verlaten... Geen rare vraag als het stuk inderdaad een offciële status had gehad. Maar dat is helemaal niet het geval. De tekst van Deense oorsprong, is één van de vele (letterlijk honderden) discussiestukken die al weken signaleren bij de onderhandelaars en de direct betrokken adviseurs daar om heen.
Yvo de Boer, leider van de onderhandelingen, greep binnenskamers dan ook direct in en herstelde de rust: het stuk van de Denen is géén concept-ontwerptekst, het is niet ingebracht als officieel document. Kortom: voor de onderhandelaars in Kopenhagen bestaat dit stuk officieel niet eens meer. Gelukkig hebben de Chinese onderhandelaars het vuurtje niet aangewakkerd door toch te reageren: zij melden zelfs dat ze de pers hierover niet meer te woord staan.
De commotie maakt wel goed duidelijk hoe de wereld bezig is met wat er hier gebeurt. En hoe makkelijk de verhoudingen op scherp kunnen worden gezet. Want een 'relletje' buiten, kan natuurlijk ook binnen leiden tot spanning.
Ontwikkelingslanden verdeeld
Vandaag - donderdag - loopt de spanning op tussen de opkomende economische machten en de armere ontwikkelingslanden. De archipel Tuvalu, ten noorden van de Fiji-eilanden, deed gisteren een emotioneel beroep op de vergadering om toch vooral te komen tot een juridisch bindend akkoord. Tuvalu is door de stijgende zeespiegel één van de meest kwetsbare landen. 'We verdrinken hier,' zei de onderhandelaar. "Maar we weten dat veel van de aanwezigen dat niet kan schelen." De actievoerders die gisteren de vergadering tijdelijk stil wisten te leggen, trokken zich het lot van Tuvalu overduidelijk aan, met teksten als 'No island left behind'.
Landen als Tuvalu, gesteund door Afrika, eisen dat de gevolgen van klimaatverandering centraal komen te staan. Daarom willen zij dat grote ontwikkelingslanden veel verder gaan in de reductie van hun CO2. Maar die zijn vooral beducht voor de impact op hun economie, en schuiven de bal door naar het rijke westen.
Ondertussen begint de discussie over de financiering van het klimaatprobleem ook op te laaien, maar nog steeds op basis van niet officiële stukken, waar vervolgens ook niet-officieel op wordt gereageerd. Nederlands, Australië , Mexico en Noorwegen - de landen die al eerder aankondigden dat zij de verantwoordelijkheid op zich wilden nemen voor dit onderwerp - zijn bezig met een voorstel.
Rode draad op de hele conferentie, zowel aan de vergadertafels als in de wandelgangen: hoe serieus zijn de CO2-reductiebeloften van de grote vervuilers? En hoeveel van hun bod weten ze via ontsnappingsmogelijkheden (afkopen door emissiehandel, opvoeren van eigen bossen en CO2-tegoeden uit het verleden) te realiseren?