- Dieren en planten
- Voetafdruk
- Klimaat
- Bossen
- Oceanen en kusten
- Water
- Natuur en Ontwikkeling
- Nederlandse Natuur
Walvissen in de dierenbieb
Bedreigde dieren: Walvissen en dolfijnen
Walvissen en dolfijnen: zoogdieren
Walvissen behoren tot de grootste dieren op aarde. Uit fossielenonderzoek blijkt dat ze vijftig miljoen jaar geleden nog op het land leefden. Daarna zijn ze de zee in gegaan en langzaam de dieren geworden die wij vandaag kennen.
Walvissen leven in het water, maar het zijn zoogdieren. Dat betekent dat ze net als wij lucht nodig hebben om te ademen en levende jongen baren.
Er zijn zo’ n 80 soorten walvisachtigen, onderverdeeld in twee groepen:
Walvissen leven in het water, maar het zijn zoogdieren. Dat betekent dat ze net als wij lucht nodig hebben om te ademen en levende jongen baren.
Er zijn zo’ n 80 soorten walvisachtigen, onderverdeeld in twee groepen:
- Baardwalvissen: Hiertoe behoren de meeste grote walvissen.
- Tandwalvissen: Hiervan zijn er bijna zeventig soorten, waaronder de dolfijnen, potvissen, orka's en bruinvissen.
Enorme maten en gewichten
- De blauwe vinvis is de grootste walvis: het vrouwtje kan maar liefst 33 meter lang worden en 120 ton wegen (zo’n 32 olifanten). Hiermee is zij groter dan de allergrootste dinosaurus ooit was!
- De tong van een blauwe vinvis weegt net zo veel als een Afrikaanse olifant.
- De dwergvinvis is de kleinste baardwalvis; hij is zon 6 meter lang.
- De potvis is 18 meter lang: dit is de grootste tandwalvis.
De walvis ten voeten uit
Walvissen ademen in en uit door spuitgaten. Deze zitten boven op hun kop. Baardwalvissen hebben twee ademgaten en tandwalvissen één. De potvis kan het langst z’n adem in houden: ruim 1 uur. Hij kan wel twee kilometer naar beneden duiken.
In de bek van de baardwalvissen hangen aan de bovenkaak borstelachtige baleinen, ook wel baarden genoemd. Hiermee filteren zij voedsel uit het water.
Walvissen hebben een gladde huid. Hieronder zit een dikke laag vet, die ook wel blubber wordt genoemd. Deze speklaag isoleert tegen het vaak ijskoude water.
De walvissen staan bekend om hun enorme staart waarmee zij op het water slaan. Zij gebruiken hun staart om te zwemmen en hun vinnen om te sturen.
De ogen van de walvis zijn relatief klein. Onder water worden ze bedekt door olieachtige tranen die bescherming bieden tegen het zoute water.
Walvissen kunnen goed horen. Het is hun belangrijkste zintuig. Vooral in het donkere troebele water zijn deze dieren sterk afhankelijk van geluid.
In de bek van de baardwalvissen hangen aan de bovenkaak borstelachtige baleinen, ook wel baarden genoemd. Hiermee filteren zij voedsel uit het water.
Walvissen hebben een gladde huid. Hieronder zit een dikke laag vet, die ook wel blubber wordt genoemd. Deze speklaag isoleert tegen het vaak ijskoude water.
De walvissen staan bekend om hun enorme staart waarmee zij op het water slaan. Zij gebruiken hun staart om te zwemmen en hun vinnen om te sturen.
De ogen van de walvis zijn relatief klein. Onder water worden ze bedekt door olieachtige tranen die bescherming bieden tegen het zoute water.
Walvissen kunnen goed horen. Het is hun belangrijkste zintuig. Vooral in het donkere troebele water zijn deze dieren sterk afhankelijk van geluid.