Klimaatverandering
De aarde warmt op. Deze klimaatverandering komt voor een belangrijk deel door de mens zelf. Bij het opwekken van energie en het transport verbranden we olie, gas en kolen. Zo komt steeds meer koolstofdioxide (CO2) in de lucht.
Broeikaseffect en klimaatverandering
Gassen in de atmosfeer, zoals CO2, werken als een deken rond de aarde. Warmte van de zon, die de aarde bereikt, kan daardoor niet zomaar weer verdwijnen in de ruimte. Dit is het zogenaamde broeikaseffect. Hierdoor stijgt de temperatuur op aarde.
Sinds het begin van het industriële tijdperk (circa 1860) is de gemiddelde temperatuur op aarde met 0,8 °C gestegen. Het Intergovernmental Panel on Climate Change (IPCC), het wetenschappelijke klimaatpanel van de Verenigde Naties, voorspelt een gemiddelde temperatuurstijging van 1,4 tot 5,8 °C voor deze eeuw.
Gevaarlijke temperatuurstijging
Met het huidige tempo van klimaatverandering zal eenderde van alle plant- en diersoorten nog deze eeuw met uitsterven worden bedreigd. Om een gevaarlijke temperatuurstijging te voorkomen, vindt het WNF het noodzakelijk de temperatuurstijging wereldwijd binnen een stijging van maximaal 2°C (ten opzichte van het pre-industriële tijdperk) te houden.
Ontbossing versterkt klimaatverandering
Op verschillende plekken op de wereld worden op grote schaal bomen gekapt. Denk aan het Amazonegebied of op Borneo in Indonesië. Met het kappen van bomen komt CO2 dat ligt opgeslagen in bosgebieden vrij. Tegelijkertijd zijn het bomen die CO2 opnemen uit de atmosfeer. Naast het terugdringen van de CO2-uitstoot is het voorkomen van ontbossing en het behoud van biodiversiteit dus een belangrijke maatregel om klimaatverandering tegen te gaan.


