Vangsttechnieken
Of een visserij duurzaam is hangt onder andere af van het vistuig dat wordt gebruikt. Op de VISwijzer 2009/2010 staat bij sommige vissen expliciet de vangstmethode vermeld als dit een betere techniek is. Een betere vangsttechniek brengt minder schade toe aan de natuur. De zeebodem wordt niet of nauwelijks beroerd of er is minder bijvangst. Een vis gevangen met een betere vangstmethode is dus duurzamer en scoort beter! Hieronder worden de vangsttechnieken die terug te vinden zijn op de VISwijzer kort toegelicht.
Grote mazen (schol)
Vissersboten die gebruik maken van netten met een grote(re) maaswijdte vangen minder jonge of te kleine vis, doordat deze door het net kunnen ontsnappen. De mazen waar over gesproken wordt op de VISwijzer hebben een grootte van 120 mm.
Handlijnen (tonijn, zwaardvis)
De simpelste vorm van lijnenvisserij is een hengel met een haakje. De vissen worden letterlijk per stuk uit de zee gehengeld, waardoor er geen bijvangst is.
Lijnenvisserij (heilbot, heek, kabeljauw, zeebaars, zeewolf)
Bij lange lijnenvisserij (longlining) worden lange lijnen voorzien van haken met aas. De lijnen kunnen tot wel 40 kilometer lang zijn. Het is een selectieve vismethode, hoewel in tropische wateren vaak haaien en zeeschildpadden worden bijgevangen. Op het Zuidelijk halfrond is er ook vaak een probleem van de bijvangst van albatrossen.
Pelagische trawl (Alaska Pollak)
Een trawl is een puntzakkig net. De vis komt in de punt, de kuil, terecht. De trawl wordt ook wel sleepnet genoemd. Bij pelagische trawl sleept het net niet over de bodem, maar wordt vrij in de waterkolom voortgetrokken. Normaal heeft deze visserij weinig bijvangsten en beschadigt hij de bodem niet.
Staand want (tong)
Bij staand want visserij wordt gevist met netten die rechtop in het water worden gehangen of op de zeebodem worden geplaatst. Voordeel van deze methode is dat het geen schade toebrengt aan de bodem. Afhankelijk van het type net, is er veel minder bijvangst. Bovendien is het energieverbruik relatief laag.
Twinrig (schol)
Twinrig is een relatief lichte vorm van sleepnetvisserij, waarbij met behulp van rubber kabels een vibratie wordt afgegeven op de zeebodem. De vis schrikt op van de vibratie en komt in het net terecht. Zolang de maaswijdte groot genoeg zijn en gebieden met overwegend jonge visbestanden en gevoelige bodems met rust gelaten worden, zijn bodemberoering en bijvangst van te jonge vis en andere soorten klein. Bovendien heeft de twinrig minder pk’s nodig vaart hij langzamer, dus er wordt gemiddeld veel minder brandstof verbruikt.
Beschrijvingen van meer vistechnieken.
Download de VISwijzer 2009/2010.
Veelgestelde vragen
Vissersboten die gebruik maken van netten met een grote(re) maaswijdte vangen minder jonge of te kleine vis, doordat deze door het net kunnen ontsnappen. De mazen waar over gesproken wordt op de VISwijzer hebben een grootte van 120 mm.
Handlijnen (tonijn, zwaardvis)
De simpelste vorm van lijnenvisserij is een hengel met een haakje. De vissen worden letterlijk per stuk uit de zee gehengeld, waardoor er geen bijvangst is.
Lijnenvisserij (heilbot, heek, kabeljauw, zeebaars, zeewolf)
Bij lange lijnenvisserij (longlining) worden lange lijnen voorzien van haken met aas. De lijnen kunnen tot wel 40 kilometer lang zijn. Het is een selectieve vismethode, hoewel in tropische wateren vaak haaien en zeeschildpadden worden bijgevangen. Op het Zuidelijk halfrond is er ook vaak een probleem van de bijvangst van albatrossen.
Pelagische trawl (Alaska Pollak)
Een trawl is een puntzakkig net. De vis komt in de punt, de kuil, terecht. De trawl wordt ook wel sleepnet genoemd. Bij pelagische trawl sleept het net niet over de bodem, maar wordt vrij in de waterkolom voortgetrokken. Normaal heeft deze visserij weinig bijvangsten en beschadigt hij de bodem niet.
Staand want (tong)
Bij staand want visserij wordt gevist met netten die rechtop in het water worden gehangen of op de zeebodem worden geplaatst. Voordeel van deze methode is dat het geen schade toebrengt aan de bodem. Afhankelijk van het type net, is er veel minder bijvangst. Bovendien is het energieverbruik relatief laag.
Twinrig (schol)
Twinrig is een relatief lichte vorm van sleepnetvisserij, waarbij met behulp van rubber kabels een vibratie wordt afgegeven op de zeebodem. De vis schrikt op van de vibratie en komt in het net terecht. Zolang de maaswijdte groot genoeg zijn en gebieden met overwegend jonge visbestanden en gevoelige bodems met rust gelaten worden, zijn bodemberoering en bijvangst van te jonge vis en andere soorten klein. Bovendien heeft de twinrig minder pk’s nodig vaart hij langzamer, dus er wordt gemiddeld veel minder brandstof verbruikt.
Beschrijvingen van meer vistechnieken.
Download de VISwijzer 2009/2010.
Veelgestelde vragen