Spring naar content

Waterrijke gebieden: wetlands in Nederland

Nieuwe Natuur

Langs de grote Nederlandse rivieren heeft het WNF gewerkt aan 'nieuwe natuur', samen met partnerorganisaties. Hier mag de natuur weer haar gang gaan. Stukken grond langs de rivier zijn aangekocht en waar mogelijk verbonden, zodat uitgestrekte natuurgebieden ontstaan. Dieren kunnen gaan en staan waar zij willen, en ook voor mensen is er alle ruimte om vrijelijk rond te struinen.

Meer over nieuwe natuur:

Verdubbeling natuur

In Nederland is tussen 1950 en 1990 de helft van de natuur verloren gegaan. Momenteel is nog maar 5 procent natuurgebied, terwijl volgens wetenschappers 10 procent nodig is om op termijn een gezonde planten- en dierenwereld te behouden.

WNF startte daarom begin jaren 90 een campagne om te komen tot een verdubbeling van de natuur, vooral door nieuwe natuur te creëren. Dat is ruige natuur die tegen een stootje kan en waar natuurlijke processen weer hun gang kunnen gaan. Vooral langs rivieren en in natte gebieden kan zulke natuur zich goed ontwikkelen. Daar kan in korte tijd hele bijzondere natuur ontstaan, met een enorme rijkdom aan planten en dieren.

WNF zet zich vooral in voor het ontstaan van nieuwe natuurgebieden. Zij brengt partijen bij elkaar, biedt waar nodig financiële steun, kennis en menskracht en gaat samenwerkingsverbanden aan (zie hieronder). Na verloop van tijd moeten de gebieden op eigen benen kunnen staan: eigendom en beheer komen in handen van andere, daarin gespecialiseerde organisaties.

Konikpaarden Millingerwaard

Gelderse Poort/Millingerwaard

Het eerste nieuwe natuurproject van het WNF was de Gelderse Poort, het gebied waar de Rijn Nederland in stroomt. Hier waren in 1990 al een aantal natuurgebieden. Daarna zijn langs de rivier landbouwgronden aangekocht en gebieden verbonden. Deze gebieden zijn vervolgens 'teruggegeven aan de natuur', waardoor gevarieerde wetlands zijn ontstaan.

Het grootste en meest bekende is de Millingerwaard. Hier zijn de rivieroevers verbreed, waardoor grote gebieden bij hoogwater onder water komen te staan. Grote delen van de oude kleilaag zijn afgegraven, en er zijn nevengeulen gegraven, die zich in de loop der tijd kunnen verplaatsen.

Snelgroeiend ooibos bedekt een deel van de oevers. Grote grazers zoals Konikpaarden en Galloway runderen zorgen ervoor dat grote stukken open blijven. Hierdoor vestigen zich weer allerlei planten en dieren in deze gebieden. Ook zijn er succesvol bevers uitgezet.

Zandmaas

Jaren later is het WNF betrokken geraakt bij het ontwikkelen van nieuwe natuur langs de Zandmaas. Zo heet de Maas in Noord Limburg.
De omgeving van de Zandmaas is rijk aan natuur. Duizenden hectaren bossen, heide, beken, moerassen en riviernatuur maken het tot een unieke regio. Men vindt hier rivierduinen, terrassen en oude meanders.

Stichting het Limburgs Landschap en het WNF hebben de rivier op verschillende plaatsen weer de ruimte gegeven. Zij hebben zes natuurgebieden ontwikkeld. De rivier krijgt hier weer nevengeulen en natuurlijke oevers. De oevers raken begroeid met ooibossen. In de beken die in de Maas uitmonden, herleeft het vrije spel van water in zijtakken, nevengeulen en rivier.

Sinds 2000 wordt de natuur langs de Zandmaas verder uitgebreid. De natuurgebieden worden verbonden, zodat een gebied van Veluwse allure ontstaat: de Maascorridor. Dit sluit aan op meer dan 10.000 hectare natuur langs de grens van Nederland en Duitsland. Maascorridor is een samenwerkingsverband van overheden en
natuurbeschermingsorganisaties (waaronder het WNF).

Meer over de Maascorridor www.maascorridor.nl

Nieuw Rotterdam

WNF heeft ook op andere plaatsen bijgedragen aan de ontwikkeling van nieuwe natuur. In Rotterdam en omgeving zijn langs de grote rivieren enkele nieuwe natuurgebieden gecreëerd, zoals:

  • Landtong Rozenburg, een gebied van 50 hectare midden in het havengebied, waar Schotse hooglanders en Konikpaarden rondzwerven
  • Kuipersveer (Hoekse waard), een ruig gebied rond twee plassen waar ook Schotse hooglanders rondlopen
  • Klein profijt, een bosrijk gebied vlak onder Rotterdam waar zoetwater met de getijden in- en uitstroomt
  •  Ruigeplaatbos, zie hieronder
Dit laat zien dat nieuwe natuurgebieden ook in en nabij steden en industriële gebieden kunnen liggen. Ze maken de regio weerbaar tegen het stijgende water van de zee en de rivieren. Het gaat om natuur die op eigen benen kan staan, beheerd door lokale partijen. De steden worden meer compleet met natuur bij de bebouwing.

Ruigeplaatbos

Toen in 1997 een daverende storm een ravage aanrichtte in een stadspark in Hoogvliet (deelgemeente Rotterdam), was dat reden om de natuur hier met rust te laten. Zo ontwikkelde zich boeiende en rijke nieuwe natuur aan de oevers van de Oude en de Nieuwe Maas: het Ruigeplaatbos. Allerlei vogels, dieren en planten vonden een plek in de afgebroken bomen en takken. Ook hier begrazen grote grazers het terrein.

Meer over het Ruigeplaatbos www.stichtingark.nl

Hunzedal

De Hunze was ooit een kronkelende beek. Maar voor een snelle waterafvoer werd hij steeds rechter getrokken. De boeren wilden drogere akkers en weilanden. Met het verdwijnen van de bochten verdween ook veel natte natuur.

Stichting Het Drentse Landschap en Stichting Het Groninger Landschap werken onder andere met het WNF samen om het beekdalgebied weer terug te brengen in zijn oorspronkelijke staat. In Drente gaat de beek weer meanderen (kronkelen). In Groningen krijgt hij brede moerassige oevers. Daardoor zal de Hunze weer een paradijs worden voor moerasvogels als de Blauwborst en het Porseleinhoen. De Kikker en de Snoek zullen terugkeren, evenals de wandelaar, de fietser en de watersporter.

Meer over het Hunzedal www.drentslandschap.nl

Belang voor de waterstand

Nieuwe natuur is niet alleen belangrijk om bijzondere natuur in Nederland te laten terugkeren. Zij zorgt ook voor een betere waterhuishouding. In tijden van hoogwater kunnen de brede rivieroevers veel water opnemen. Dit verkleint het risico op overstromingen. Zij houden ook water vast, dat in droge periodes in de vorm van kwelwater vrij komt. Hierdoor blijven de rivieren in droge perioden beter op peil, wat belangrijk is voor de drinkwatervoorziening en de landbouw (irrigatie).

Samenwerking

Het WNF werkt intensief samen met partners die (indirect) belang hebben bij natuurontwikkeling. Bijvoorbeeld doordat overtollig water kan worden opgevangen of er meer ruimte ontstaat voor recreatie en toerisme. Ook het winnen van klei en grind kan een aanleiding zijn om mee te doen met natuurontwikkeling.

Deze samenwerking geeft de natuurontwikkelingsprojecten van het WNF een brede basis. Natuurbelangen, maatschappelijke belangen en economische belangen gaan hand in hand. Dat betekent dat projecten die door het WNF zijn geïnitieerd, ook door anderen gedragen en op termijn voortgezet kunnen worden.

Konikpaarden in de winter Nederrijn

Natuurlijke begrazing

Bij de terugkeer van natuurlijke processen zoals de vormende kracht van water en wind en spontane plantengroei, speelt natuurlijke begrazing een sleutelrol.

Wilde runderen en paarden houden grote terreinen open. Konijnen zorgen in duinen en op zandgronden voor open plekken. Watervogels, zoals meerkoeten, eenden, ganzen en zwanen, begrazen de oevers langs het water. Daarbij ’helpen’ de dieren elkaar: runderen eten het gras halflang af en dat vinden paarden nou weer erg lekker. Wat de paarden achterlaten, is weer voedsel voor bijvoorbeeld ganzen.

Lees meer

Nieuwe natuur is een bezoek meer dan waard. U kunt vele uren doorbrengen in de prachtige gebieden met zijn bijzondere planten en dieren.