Zwanenmossel

Zwanenmossel
Wetenschappelijke naam Anodonta cygnea
Engelse naam swan mussel
Verspreiding Europa
Voeding (plantaardig) plankton
Lengte 7 - 20 cm
Biotoop zoetwater (stilstaand)
Deze zoetwatermossel is het grootste schelpdier van ons land. Zijn schelp is vrij dun, bruinachtig en aan de binnenkant bedekt met parelmoer. Met zijn voet (die eruit ziet als een tong) trekt hij zichzelf de bodem in. Zoals de meeste schelpdieren filtert de zwanenmossel zijn voedsel uit het water door het door zijn kieuwen te pompen. Soms trilt hij om slib van de bodem op te warrelen. Met behulp van zijn tong kruipt de mossel door de bodem en laat zo soms een duidelijk spoor na. De met papillen bezette instroomopening en kleinere uitstroomopening (met gradde rand) blijven steeds vrij. De zwanenmossel heeft net als ander zoetwatermossels een bijzondere manier van voortplanten. De eitjes worden door via het water opgenomen zaadcellen bevrucht en ontwikkelen zich binnen de broedkiewen van de moeder tot zo'n 300.000 larven. Deze worden in het water geloosd en hechten zich aan een vis. Daarop leven ze enige tijd parasitair waarna ze zich tot een klein mosseltje ontwikkelen en loslaten.