Haringhaai

Haringhaai
Andere namen neushaai
Wetenschappelijke naam Lamna nasus
Engelse naam porbeagle; porbeagle shark
Verspreiding noordelijke Atlantische Oceaan, zuidelijke delen oceanen Zuidelijk Halfrond
Leeftijd tot 50 jaar
Voeding vis, inktvis
Lengte 2 - 2,5 m (vrouwtje; record 3,5 m); 1,5 - 2 m (mannetje)
Gewicht max. 250 kg
Biotoop gematigde en koudere zeeën
Status kwetsbaar

Deze middelgrote haai komt ook in de Noordzee voor. Het is een actieve jager die hoge snelheden kan halen. Hij heeft een gedrongen lichaam en een puntige snuit. De tanden hebben naast het lange centrale deel nog twee kleine punten. De achterzijde van de rugvin is wit en niet verbonden met de rug. Aan weerszijden van de staartbasis zit een richel.

Net als veel andere haaien is deze soort levendbarend. Gewoonlijk ontwikkelen zich elk jaar vier jongen in de eileider van de moeder. Daar voeden ze zich met onbevruchte eieren. Bij de geboorte zijn deze al 60 tot 80 cm lang.

De haringhaai is onder andere vanwege de trage voortplanting gevoelig voor overbevissing. Sinds 2013 heeft hij als een van de weinige haaiensoorten bescherming gekregen via CITES. De internationale handel in (delen van) deze soort is daarmee aanm banden gelegd.